De zuurstoftheorie onthuld !
Vanuit
het laatste staartpuntje van het peloton klinkt ritmisch gesnuif en soepele
tred;
een eerder in Italië ontwikkelde
theorie zal getoetst worden aan de granieten praktijk van pakweg 8% Luxemburgse
stijging.
Eerder
nog - op een stukje gemeen vals plat - heeft de
denker zich verstopt tussen de overige kampioenen energieverspilling.
Het
moment is daar.
Hij
laat zich terugzakken tor ver buiten gehoorafstand van een smalend
peleton.
Kippenvel
maakt zich meester van zijn witgesokte benen.
Klopt
het dat ik Indurain’s geheim ga ontsluieren en til ik
daarmee de algemene fietstheorie van 40+ op een 50-nivo?
Of
is het een strontidee,
enkel uitgebroed om me weer op een nieuwe manier ‘n berg over te
krijgen?
Overigens
kent deze theorie een zuiver cyclistische
achtergrond:
Herkent
niet elke zwoeger het merkwaardig fenomeen dat zich
voordoet bij de grens dat aders gevuld zijn met slechts onversneden melkzuren?
Dat
ineens de meest wonderlijke, diepgaande en toch heldere gedachten ongeremd door
de hersenpan flitsen?
Wanneer
de bilspier het laatste molecuul zuurstof onverbiddelijk opeist en daarmee de
hersenen berooft van enige voeding kun je twee dingen doen:
afstappen en een sigaret opsteken of
afstappen en eens stil staan bij je
gedachten.
Dat
laatste overkwam me in Italië. Ik had geen sigaretten bij me.
De
betekenis van wat ik zag (een garage waar dozen sigaretten in en uit
gesjouwd werden) drong
pas later tot me door.
Niettemin
het beeld was er.
Zoals
elke geniale gedachte is het concept simpel, te simpel volgens velen.
Laat
ik het uitleggen aan de hand van het oorspronkelijk
beeld.
Er
is een grote garage met twee deuren, een voor en een achter.
Aan
de voorkant worden rustig dozen naar binnen gedragen ,
een aardige voorraad stapelt zich op.
Achter
wordt plotsklaps de deur opengemaakt en drukke mannetjes beginnen in razend
tempo dozen naar buiten te dragen.
Voor
je het weet slinkt de stapel zienderogen.
De
mannetjes voor krijgen het in de gaten en zij zetten een tandje bij.
Maar
achter zijn ze met meer mannetjes en die winnen het tenslotte.
De
schuur is leeg, de voorraad is op.
Hier
heb je ingewikkeld gezegd een ordinair logistiek probleem.
Een probleem
dat heel voorstelbaar is voor iemand met een karig maandloon en een enorme
dorst.
Op
’n moment is de knip leeg, of
- nog erger – hij bouwt bij de kroegbaas een schuld op.
En
die schuld heet dan weer op z’n logistieks een “negatieve voorraad” een abstract begrip
waarbij de volgelopen alcoholist zich
niets kan voorstellen.
Een
Brabantse fietser in Italië des te meer.
De
dagelijkse ervaring was in onverbiddelijke volgorde: klimmen in de pré-alpen.
Energieverspilling,
wat krap komen zitten in lucht, sneller hijgen – en wat op zich al energie
kost! – de stapel dozen slinkt alarmerend snel,
heel vlug en erg diep
hijgen en dan toch dat moment: de garage is leeg, de bodem van de knip is daar,
de zuurstofmeterstand op nul.
Afstappen.
Het
gevaar van negatieve voorraad (zuurstofschuld) zal ik niet lopen.
Als
U me al tot op deze hoogte heeft kunnen volgen is de klim naar de grootste
zuurstoftheorie zo groot niet meer.
De
logica zegt dat dit logistiek probleem (de negatieve voorraad) op twee manieren
valt op te lossen;
minder drinken bij de
kroegbaas of binnen stappen met een
optimaal gevulde knip.
Het
zal de lezer
niet verbazen dat de gedachten onwillekeurig uitgaan naar de in ons peleton favoriete Luxemburgse oplossing
Als
je ruim voor de
klim, je lichaam oppompt en oververzadigd met zuurstof,
dan zal dat Lichaam er als het
ware naar uitzien, blij zijn wat van de overtollige voorraad kwijt te kunnen
raken.
Ik
heb zuurstof teveel. Kom op met die berg.
Dat
is psychologisch gezien nog eens andere koek dan “bang zijn tekort te komen “.
Als
het meezit heb ik nog over als ik naar beneden kan.
Dat
wordt lachen.
Hier is de theorie daar is de berg, nu rest de toetsing.
Terugzakken
uit het peleton.
Een
tijdje zuurstof stapelen met volop zuurstofrijke lucht.
De
longen en het bloed naderen de oververzadiging.
Nog
wat erbij, mijn lichaam moet gillen om een berg.
Razernij,
een zwart moment, hyperventilerend begin ik te duizelen.
Ben
ik te ver gegaan?
Ga
ik vallen?
Als
ik bij zinnen kom hoor ik Paul Simon klinken uit een auto,
waarvan de
portierstijl steun gaf op het moment dat de berg er had moeten zijn.
Slechte
timing, te vroeg begonnen.
Is
hiermee de grootse zuurstoftheorie van Tafel?
Experiment
mislukt.
Oké,
laat het peleton maar denken
wat ze wil.
Er
komen nog nieuwe momenten voor toetsing.
Ik
zal de timing onder de knie krijgen.
Een
leercurve vraagt herhaling.
Ik
zie uit naar nieuwe mogelijkheden.
Liefst
bergen.
Uw geesteiijk
adviseur.
