2 december 2003

De rugzakken zijn gepakt

 

Nog even wat dollars ophalen,

een laatste inenting en dan is het echt zo ver.

We vliegen woensdagochtend vanaf schiphol naar Atlanta (USA). We komen daar ruim 9 uur

later aan en moeten ons even ( 9 uur) vermaken, voordat we kunnen

overstappen op vlucht naar Santiago de Chile.

Ook daar doen we zo'n 9 uur over.

Kortom na 27 uur landen we in Santiago.

We  vertoeven daar 2 dagen en stappen dan op het vliegtuig naar Punta

Arenas in Zuid Patagonië.

Daar gaan gaan we pinguins voeren en ijsschotsspringen.

Jullie horen nog van ons hoe ons dat vergaat.

Hasta la vista

 

 

 

 

7 december 2003.

Het einde van de wereld is zo gek nog niet!

 

Beste volgelingen,

 de start van onze alle vele keren gedroomde reis is nu dan toch echt gemaakt.

Santiago de Chile  de stad die gelukkig niet meer heeft te lijden onder het juk van Pinochet maar bijzonder gastvrij en relaxed aanvoelt.

Het standbeeld van Salvador Allende staat fier recht tegenover het paleis (Moneda) waar hij nog maar zo'n 30 jaar geleden aan zijn einde kwam.

Vreemd in een stad rond te lopen met zomerse temperaturen en potsierlijk aangeklede kerstbomen om je heen. 

We hebben ons goed vermaakt in een wijk vergelijkbaar met Quatier Latin.

Op straat opvallend veel jongelui in keurige schoolpakjes en plooirokjes,

maar vrijdagavond laat zagen we dat de stropdassen los gingen en de overhemden uit de broeken hingen en de rokjes korter leken.

Oudere jongeren doen ons herinneren aan de sixties.

Veel lang haar en engagement en op de muren van de universiteit leuzen met : no reproducion.

In de parken veel passie en amor, moderne beelden en protserige fonteinen.

Barstens veel bussen, taxi’s en smog ontbreken natuurlijk ook niet, evenals de zwervers.

We hebben een klein probleempje.

Na een jaar fantastische lessen te hebben genoten van Ana Maria kijken we elkaar af en toe wanhopig aan.

Want jezus wat praten die Latino’s toch snel.

Maar we blijven ons verbeteren en laten ons niet te veel verleiden tot engels.

 

In de vroege zaterdagochtend zijn we naar Punta Arenas gevlogen.

Geen fraaie maar wel boeiende stad met 100.000 inwoners aan het einde van de wereld.

Het leven is hier losjes, uiterlijkheden zijn niet belangrijk. Ook hier zijn de mensen bijzonder gastvrij en tof.

Zo'n beeje van niet lullen maar poetsen.

We ondervinden dat heel direct in het Hostal van een jonge Chileense moeder met haar dochtertje, waar we onze intrek hebben genomen.

Als we het weggetje van ons hostal uitlopen, staan we aan de beroemde straat van Magallaen. Het weer is zoals je in Patagonië kunt verwachten: onvoorspelbaar. Altijd een stevige wind en afwisselend zon en buien.

Het vriesweer bij jullie laat ons koud, omdat daags voor ons vertrek een brief van Kroes in de brievenbus lag dat ik dat jaar ben uitgeloot voor de elfstedentocht. (moet ik die toch nog een keer rijden)

Komende week gaan we de ruige kanten van Patagonië opzoeken.

Eerst wat pinguïns opzoeken en dan een trek door het nationaal park Torres del Paine (vlak boven Puerto Natales) .

Nu eerst nog even een warme muts kopen.

 

Het gaat jullie goed en proficiat met jullie prinsesje,

 

Hasta luego,

 

Ellie en Andres

 

 

 

 

18 december 2003

Torres del Paine

 

Beste Europese volgelingen.

We hadden zojuist een uitgebreid berichtje opgesteld, maar blijkbaar op een verkeerde toets gedrukt en.....weg was ie.

Nou toch maar even een reconstructie.

We zijn gisterenavond teruggekomen in Puerto Natales van onze trekking door Parque Nacional Torres del Paine.

 

De trekking heeft ons alles gebracht wat we ervan hoopten.

Prachtige vergezichten, klauteren over glibberige paadjes en rotsblokken.

Om ons heen meren en besneeuwde bergtoppen.

Boven ons vlogen condors en overal kleurrijke bloemen.

Het weer was Patagonia waardig.

Vooral veel zon, maar bijna altijd wind en soms een stevige regenbui.

Maar telkens met snelle afwisselingen.

 

Hoe gaat dat zo´n trekking.

Met een rugzak van respectievelijk 10 en 15 kg op je rug met alles er in wat je nodig denkt te hebben:

tent, slaapmatjes -zakken, eten, onderbroeken, een extra shirt dat wat minder ruikt, kookgerei, fleece, reparatie en verbandspullen

(gelukkig bijna niet nodig gehad).

Er bleef niets ongebruikt.

Onderweg was voldoende water te vinden in de vele beekjes en watervallen die door de gletsjers worden gevoed.

Een kop koffie of soep maken is een heel project in die winderige omstandigheden, maar smaakt nergens zo lekker.

Onderweg kom je steeds meer bekende gezichten tegen.

We hebben op de meest uiteenlopende plekken gekampeerd.

Soms op gras, dan op donker gruis of op de rotsen.

Op zo´n camping is het altijd gezellig gedoe.

Ieder poogt met z´n weinige spullen en voorraad een diner voor de dag te toveren en dat lukt nog ook.

Als er iemand slaapproblemen mocht hebben kunnen we zo´n tocht aanraden.

En mocht je wat kilo´s kwijt willen raken, dat is hier geen enkel probleem.

 

Tja en dan die Torres.

Het lijkt op een drietal granieten obelisken van bijna 3000 m dier fier in dit absurde landschap staan.

Ze stijgen uit boven een gletscher meer en sneeuwvelden.

Werkelijk indrukwekkend als je aan de voet staat. Je kunt er niet zomaar komen.

Daarvoor moet je na een urenlange wandeling eerst nog een lastige klim maken van een uur, maar de beloning is werkelijk de inspanning meer dan waard.

We hebben dat 2 keer gedaan.

In de avond met wolken en wind en in de ochtend met veel minder bewolking.

We zullen die indrukken niet gauw vergeten.

 

Een ander hoogtepunt was Gletsjer Grey.

We hebben nog nooit zoveel ijs gezien waar je niet op kunt schaatsen.

Tot zover het oog kan reiken scherpe richels en kloven.

Het ijs kleurt diepblauw en geeft je het gevoel op Antarctica te zijn.

 

In de refugio´s (hutten) is het overal een drukte van belang.

Mensen wisselen met elkaar uit welke route ze hebben gelopen en waar ze vandaan komen.

Wij behoorden natuurlijk weer tot de weinige oudere gekken die alles met een complete uitrusting deden.

Verstandige ouderen liepen met wat dagproviand en lieten zich in de hutten verwennen.

Maar we hadden keigoeie benen, zetten er vaak de pees op en stoempten zo berg op berg af tegen veul wind met unne ijzersterke moraal.

Het gaf ons een echt sabbatgevoel.

Hier was de weg het doel.

 

Ellie bleek weer eens een echte bikkel.

Op de voorlaatste dag hoorde ik een welgemeend au vlak achter me.

Daar lag ze. Pijn in de enkel. Verzwikt dus.

Maar bij Atilla heeft ze geleerd hoe daar mee om te gaan.

Schoen aanhouden. Boel in beweging houden en op zoek naar ijskoud water.

Nou dar is hier geen gebrek aan. D´r voet ging onder ijs, ijs, ijskoud water en om kort te gaan die behandeling hielp want ze heeft de treking volbracht.

Zes heerlijke dagen met gemiddeld zo´n 15 tot 20 km per dag die we niet gemakkelijk zullen vergeten.

 

Hier terug in Natales gaan we weer wat plannen maken voor de volgende etappe.

Waarschijnlijk wordt dat richting El Calafate net over de grens in Argentinie.

We gaan daar naar lagos Argentinos en de beroemde Perito Moreno gletsjer.

Jullie horen daar nog van.

 

Adios,

ellie en andre

 

 

 

 

 

28 december 2003

Navidad in Argentina

 

Lieve mensen in het verre noorden,

 

Misschien hebben jullie wel eens aan ons gedacht tijdens jullie kerstdagen.

Het was voor ons een heel bijzondere kerst: in de zon (soms regen),

in een sprookjeshuisje in een prachtige tuin vol bloemen bij een 81-jarige dame in San Carlos de Bariloche.

We hadden wel even behoefte aan een weekje "rust"....hoewel een tocht naar een bergtop en een flinke fietstocht toch wel actief waren.

Op kerstavond hebben we heerlijk in onze keuken gekookt en met een Australisch stel tot laat zitten kletsen.

Om 12 uur barstte het vuurwerk los, maar dat is nog niets volgens de mensen hier.

Op Nieuwjaar it is "like Bagdad".

In deze plaats merk je niet zoveel van de slechte economische omstandigheden,

maar hier wonen en verblijven dan ook veel welvarende mensen.

Op veel plaatsen waan je je in Duitsland of Zwitserland, door het landschap, de bouw van de huizen en door de namen die je tegenkomt.

De Argentijnen zijn wel anders: temperamentvol, informeel en niet erg op uiterlijkheden gericht (hoewel ze zich meestal goed kleden).

 

Opvallend is hier de goed ontwikkelde chocoladeproductie.

Daar staat de stad om bekend.

We gaan hier af en toe koffie drinken in een enorme chocolade-speciaalzaak waar de chocolade bijna niets kost.

De kilo´s zitten er weer bijna aan...

Verder heb je hier de onvermijdelijke grote biefstukken, heerlijk geroosterd en sappig op een plank geserveerd.

Voor vegetariers is het eten hier niet echt interessant!

In de buitenwijken, waar de wegen niet geasfalteerd zijn, zie je wel veel armoede.

Ook dit is een land met erg grote verschillen, maar niet echt een ontwikkelingsland.

Het is erg westers, alleen al door alles wat hier te koop is.

We hebben de indruk dat hier vooral Europa het grote voorbeeld is.

 

Voor we op deze plek neerstreken hebben we in een ander gebied van Argentinie, zo´n 400 km zuidelijker,

een geweldige tocht gemaakt naar een gletsjer, de beroemde Perito Moreno.

Die is 14 km lang en gem. 80 m hoog boven het water van het Lago Argentina uit.

Je vaart er naar toe en vanuit die boot onder langs de gletsjer besef je pas goed hoe hoog hij is.

Regelmatig hoor je gerommel en geraas vanuit het ijs en hoor of zie je massa´s ijs naar beneden storten.

Voor ons alweer een nieuwe sensatie:  op een soort spikes onder je schoenen een Ice-hiking doen.

Je gaat dan met een groep mensen, begeleid door 2 gidsen, de gletsjer op en loopt rustig over een heuvellandschap van ijs tussen alle kloven en rivieren enkele uren rond.

Van een afstand had je niet gedacht dat het ijs zo superblauw en zo schoon is.

Het is eigenlijk een totaal andere wereld, erg surrealistisch.

Aan het einde werden we verrast met een glas whisky met ijs van de gletsjer erin.... die willen we wel elke dag drinken !

 

Deze week in Bariloche hebben we erg genoten van dit grote merengebied, dat half in Chili en half in Argentinie ligt.

Er zijn ontelbare meren, mooi verschillend van kleur met veel eilandjes erin en omgeven door hoge bergen, vaak met sneeuwtoppen.

Het is een echt vakantiegebied voor de Argentijnen, omdat het nu noordelijker erg heet is.

Nu met kerst was dat goed te merken.

Soms is het hier heerlijk weer met zo,n 25 graden, maar het kan in enkele uren omslaan.

 

Gisteren hadden we een uitstapje met een busje naar (weer) een gletsjer, de Tronador

ditmaal een zwarte door het vulkanisch grind dat erdoor wordt meegesleurd.

Aan een kant van de berg werden we verrast door zo´n 20 watervallen naast elkaar gelegen die vanaf verschillende hoogten hun water honderden meters lager in de rivier stortten.

De toppen van de meeste bergen bleven helaas grotendeels in de wolken en op een boot op het meer Nahuel Huapi hadden we het vooral koud.

Je ziet wel dat wij van de ene verbazing in de andere vallen, en dan hebben we het nog niet over de condors die af en toe boven ons zweven en de kilometerslange rijen paarse en blauwe lupinen en bossen gele brem die hier overal langs de weg en in het wild groeien.

Intussen hebben we besloten om terug te reizen naar Chili, maar wel op een bijzondere manier.

 

We hebben voor morgen een "Cruce de lagos" geboekt, waarbij we steeds wisselend per bus en boot door het merengebied trekken.

Dit schijnt de mooiste manier te zijn om deze streek mee te maken.... als het maar een beetje helder is!

We komen dan aan in Puerto Varas, een beetje ten noorden van Puerto Montt.

Daar wordt het weer tijd voor een meerdaagse trekking. Jullie horen het wel weer.

 

Hasta luego (tot later)

Ellie en Andre.

 

 

 

 

 

7 januari 2004

Fietsen en paardrijden tussen vulkanen en meren

 

Lieve mensen, het is alweer zo´n twee weken geleden dat jullie ons laatste bericht uit San Carlos de Bariloche (Argentina) ontvingen.

Daar zijn we een paar dagen voor oudjaar met de Cruce de Lagos naar Puerto Varas in Chili gegaan.

Zo´n cruce is een aaneengeschakelde tocht van 5 busritten en 3 boottochten, dwars door de Andes van Oost naar West.

Fantastisch over die diepgekleurde meren, met op de achtergrond donkergroene heuvels en de sneeuwwitte Andestoppen.

(we willen jullie niet jaloers maken hoor!). Maar het is hier ook niet altijd zonneschijn.

Op het tweede deel van de tocht liet Patagonia haar andere gezicht zien, striemende regenbuien, en weg was het zicht op al dat moois.

 

In Puerto Varas aan de voet van vulkaan Osorno hebben we een heerlijk hostal gevonden: Casa Azul.

Ja het huis is blauw, het beddengoed, het servies en zelfs het toiletpapier.

Een gezellige plek waar ieder dagelijks zijn eigen kostje kookt in de gemeenschappelijke keuken.

 Van hieruit hebben we mooie wandelingen gemaakt en met de Chilenen aan het meer vertoefd.

Op de laatste dag van het jaar ging het even wat minder. Ik (andre) werd ‘s-morgens vroeg kei misselijk wakker .

Alles wat ik de voorgaande dagen net zoveel smaak naar binnen had gewerkt kwam er in no time weer uit.

Ik was letterlijk volledig uit evenwicht, kon het bed niet uit.

Een uitstekende Chileense arts had de diagnose gauw gesteld: een verkoudheid die is uitgemond in een bacteriologische aandoening van het evenwichtsorgaan. Don´t worry, zei hij nog, maar wel vervelend.

 

De gasten van allerlei afkomst bereiden op oudjaar gezamenlijk een international diner.

Was bijzonder om zo het nieuwe jaar in te gaan.

Na een paar dagen het bed te hebben gehouden en geweldig te zijn verzorgd door een liefdevolle verpleegster moest ik mijn balans weer zien terug te vinden.

Dat ging echt stapje voor stapje.

Maar de vierde dag liep ik alweer een rondje om het hostal en de zesde dag zaten we bij een openlucht concert in het stadje naar Chileense muziek te luisteren. En de zevende dag namen we de bus naar Pucon.

 

Daar zijn we zo´n 20 km ten oosten van dit toch wel erg toeristische oord neergestreken bij een Chileense familie in een soort hostal/boerderij: Kila Leufu

Een warm nest waar voor ons dagelijks heerlijke ontbijten en diners worden voorgeschoteld, bereid met alles wat het land hier te bieden heeft.

We delen het huis met andere gasten uit Amerika, Australië, Zwitserland en...een Fries.

Eindelijk iemand met wie ik over de 11 steden tocht kan babbelen dacht ik.

Maar helaas deze bijzondere kerel woont ondertussen in Paraguay en organiseert zo´n drie keer per jaar een mountainbike toer van 2 - 3 weken voor.....Nederlanders en Belgen in Chili. Daar kan hij van leven in het goedkope Paraguay.

 

Vanuit dit hostal kunnen we echt kennis maken met het Chileense plattelandsleven.

We zijn gestart met wandelingen en zwemmen in zo´n idyllisch bergmeer.

Gisteren hebben we met zijn tweeën een flinke tocht op de mountainbike gemaakt en vanochtend hebben we onze eerste " ir en caballos" (paardrijden) gemaakt. Onze gastvrouw, een 30 jarige Chileense die met paarden is opgegroeid, heeft er voor gezorgd dat we een geweldige ervaring rijker zijn.

We bleven allebei goed in het zadel en genoten van het op deze manier door dit landschap trekken.

Gaan we vast nog herhalen.

Nu lonkt de beklimming van de Villarica nog en dan gaan we weer verder naar het noorden.

Maar toch we slaan ons er wel doorheen op deze manier.

Jullie horen wel weer van ons

veel groeten en liefs,

ellie en andre

 

 

 

21 januari 2004

Oase in de woestijn

 

Hallo nederland,

We zijn er nog!

Even niets gehoord, want we zijn veel onderweg geweest en intussen een heel stuk noordelijker.

Het laatste bericht kwam nog uit het Merengebied in Patagonie.

We zaten toen in dat fantastische hostal in een boerderij van een Mapuche familie (oorspronkelijke bewoners van dit gebied).

Het was daar zo heerlijk rustig en landelijk dat we er een week gebleven zijn.

Soms deden we niets, andere dagen gingen we fietsen of wandelen.

We hebben 2 keer paardgereden door het afwisselende landschap rond de boerderij, met allerlei snelstromende rivieren.

 

Een bijzondere ervaring was de beklimming van de vulkaan Villarica, die voor een groot stuk bedekt is met sneeuw.

Met een groep gingen we, begeleid door 2 gidsen,( want anders vonden onze moeders het niet goed!) in ganzenpas omhoog door de sneeuw.

De beklimming was niet echt zwaar, hoewel Andre nog steeds een beetje loopt te waggelen (als gevolg van zijn virus.... maar het gaat met de dag beter).

Boven op de vulkaan zie je niets bijzonders in de krater, maar er komt voortdurend stinkende (zwavel)rook uit want hij is nog steeds actief.

De weg naar beneden was superleuk: op je kont, met een speciale broek aan waar een stevig rubberen zitvlak ingenaaid is.

Het is de grootste glijbaan van de wereld denken wij, zo´n duizend meter in totaal!

 

De volgende bestemming was Temuco, niet zo´n leuke stad.

Wel logeerden we in een hotel vol vergane glorie waar Pablo Nerudo twee kamers verderop regelmatig heeft gelogeerd.

We hebben daar een gezin bezocht dat in de jaren ´70 - ´80 naar Tilburg is uitgeweken.

In de stad staat een monument met honderden namen van mensen die door het regime vermoord zijn.

Bijna niet voor te stellen voor ons, want ogenschijnlijk is het hier rustig en komen de mensen relaxed over.

Volgens deze ex-vluchtelingen is het hier niet echt democratisch en zijn de armen er niet beter op geworden na de val van Pinochet.

Dat zien we ook wel bevestigd in de arme buitenwijken bij de steden en de armzalige huisjes hier en daar op het platteland.

 

Na 2 dagen Temuco hebben we voor de afwisseling eens de trein gepakt, het enige traject in Chili, van Temuco naar Santiago.

Vanuit Santiago zijn we meteen doorgereisd naar de kust, naar Valparaiso.

Dit is wel de mooiste stad van het land, gebouwd op 48 heuvels boven de kust en erg oud. 

Het deed ons erg aan Lissabon denken, maar minder welvarend.

Bijzonder vonden we vooral de vele gekleurde huizen en trappen en liften tussen de straten, veel gedichten en muurschilderingen, maar ook veel honden en katten op straat.

We hebben het woonhuis van Pablo Neruda (een van de 3 die hij had) bezocht, waar echt iets van zijn levensstijl is terug te vinden in de oorspronkelijke manier van bouwen en inrichten. 

 

Verder veel rondgedwaald door de stad.

Hierbij werd voor het eerst in onze reiscarriere op een onbewaakt moment een rugzakje gejat, waar gelukkig niet belangrijke maar wel enkele dure spullen zaten. We beschouwen dit maar als een incident en onze sympathie voor de Chilenen is er niet minder door geworden.

Een dag zijn we Valparaiso “ontvlucht”voor een trekking door het bijzondere natuurpark  La Campaña  ten noord-oosten van de stad. Een heerlijke trekking met een fantastische gids.

 

Omdat we de drukte van de stad wel weer genoeg vonden hebben we gisteren de bus gepakt en zijn in 12 uur naar Caldera gereden.

Onderweg veranderde het landschap van prachtige valleien met wijngaarden in een woestijn.

Erg grauw en bergen met......niets, helemaal niets dan zand.

Caldera is een oase in deze enorme woestijn, een gezellige rustige vissersplaats.

´s Morgens als de boten met de vangst binnenkomen is het een drukte van belang.

Veel enorme pelikanen blijven in de buurt om de restanten van de vis mee te pikken. 

Ook een zeerob is daar regelmatig van de partij. 

Wij eten de lekkere vis maar liever in een restaurantje.

Vandaag hebben we aan het strand gelegen, maar helaas hadden we maar enkele uren zon.

Dus jullie hoeven in het grijze Nederland niet te denken dat hier altijd de zon schijnt.

 

We zijn nu over de helft van onze reis (nog 5 weken te gaan) en kijken al terug op erg veel leuke contacten, met Chilenen en andere reizigers.

Ons Spaans gaat steeds beter, zelfs de dialecten wennen een beetje.

We beginnen de s-en al in te slikken, want het is hier een lui soort Spaans. Maar in Peru schijnen ze echt goed Spaans te spreken.

Dus AnaMaria, het komt wel goed!

Morgen pakken we de nachtbus naar San Pedro de Atacama, de uitvalsbasis voor de beroemde woestijn in het noorden van Chili en de zoutvlakte in Zuid-Bolivia (Salar de Uyuni).

 

Ellie en Andre.

 

 

 

 

 

29 januari 2004

Zon, zout, water,  zand en flamingo’s

 

 

San Pedro de Atacama een gehucht in de woestijn van noord-oost Chili.

Stoffige straatjes, adobe (van gedroogde klei) gemaakte huisjes, gezellige restaurantjes, een plaza vol muziek en veel backpackers.

Hier hebben we afgelopen week ons "basecamp" opgeslagen.

 

Een van de eerste dingen de we hier ondernamen , was een bezoek aan het archeologisch museum met de mummie van de beroemde miss chile en andere uit vooral de Inca cultuur opgegraven mummies, textielweken en voorwerpen. Het is goed weer in de streek te zijn waar de oude culturen weer duidelijk zichtbaar en voelbaar zijn.

Want tot nu toe was alles wat we in Chili hebben gezien toch wel duidelijk georiënteerd op het westen.

 

De "valle de la luna" een werkelijk surrealistisch landschap niet ver hier vandaan, maakte diepe indruk.

Een maanlandschap met allerlei soorten rotsstructuren en licht dat voortdurend verandert.

Ook hoge zandduinen, waar sommige probeerden met een sandboard naar beneden te komen.

Maar dat valt bepaald niet mee.

We zijn vanuit een soort krater over die duinen naar het hoogste punt geklommen en hebben daar met ingehouden adem naar de zonsondergang zitten kijken.

 

Daarna hebben we een van de mooiste trips van ons leven gemaakt: vier dagen met een jeep door zuid-west Bolivia.

We waren met een groep van 6 mensen en hadden een sympathieke alleskunner.

Hij was chauffeur, kok en gids tegelijk.

We hobbelden over nauwelijks begaanbare routes: door woestijnzand, over rotspartijen, door rivieren en over onmetelijke vlakten (altiplano), met altijd op de achtergrond een decor van vulkanen en gekleurde bergen (van zo'n 6000 - 7000 meter).

Zonder 4-WD jeep kom je er niet doorheen en ook niet zonder kleerscheuren, vooral de banden hebben veel te lijden.

We hadden op één dag twee lekke banden en trachtten met een lekke band door te rijden.

Maar toen ook die van het wiel afliep leek het hopeloos.

We stonden in niemandsland, maar na enkele uren kwam de breedlachende chauffeur van een andere jeep ons te hulp.

Op al die momenten bleef de sfeer in de groep goed en stak iedereen de handen uit de mouwen.

 

De eerste dag was het even naar adem happen in de ijle lucht van de Altiplano: de hoogvakte die tussen 4000 en 5000 meter is.

We zagen door mineralen gekleurde roze,L a g o C o l o r a d o  en  groene meren, met honderden flamingo's, met daarin altijd de weerspiegeling van de bergen er om heen.

Ook vreemde rotsformaties, geboetseerd door zandstormen.

Hier moet Salvador Dali zijn inspiratie hebben gevonden.

En dan "geysers": diepe gaten van grijze blubber, waaruit zwavelstoom opborrelt.

Overal op droge vlakten - waar je geen leven verwacht - lopen kudden lama's en soortgenoten.

 

Op de laatste dag kwam voor ons de climax: de Salar de Uyuni.

Een oneindige zoutvlakte, gevormd door zeshoekige "tegels" van ongeveer 70 cm doorsnede.

Het is net of je op een ijsvlakte staat.

Op sommige plaatsen staat zo'n 20 cm water, waarin de wolken worden weerspiegeld.

Aarde en hemel lopen vloeiend in elkaar over, je waant je in een vliegtuig.

Rondom de zoutvlakte en op een eilandje er middenin,  metershoge cactussen.

We zagen er een van 1200 jaar oud

Tijdens een van de nachten sliepen we in het " Hotel de Sal": een compleet van zout gemaakt hotel, maar ook de stoelen, tafels, bedden, etc. waren van zout. 

We hebben er heerlijk geslapen en gegeten, al was het laatste gekgenoeg wel een beetje flauw.

 

Dat Bolivia het armste land van Zuid-Amerika is, ondervonden we in twee andere "hotels" waar we geslapen hebben.

Geen stromend water, geen electriciteit, geen toilet, stro-matrassen en erg sober eten opgediend door moeders en kinderen in traditionele kleding.

De mannen zien er voornamelijk westers uit met Wibra-jeans en petje op de kop.

We hadden hier ons mondjevol Spaans erg hard nodig (bedankt Anamaria).

In de pueblo’s (dorpjes) leven de meeste mensen van de zoutwinning.

Daarnaast verbouwen ze wat graangewassen en aardappelen en hoeden ze lama's voor vlees en wol.

 

We hebben ons verblijf hier besloten met zwemmen in een kleine oase midden in de dorre woestijnvlakte.

Een door een duitse ingenieur gebouwd zwembad. Heerlijk maar erg vreemd.

 

De laatste avond was anders dan alle andere.

Een Franse professor liet ons met geavanceerde telescopen de maan, sterrenbeelden, planeten, de melkweg, en sterrennevels bewonderen.

Nog nooit hebben we de maankraters en de ringen van Jupiter zo duidelijk gezien.

En natuurijk is het bijzonder om het Zuiderkruis aan de hemel te zien.

 

Vannacht vertrekken we met de bus naar onze laatste bestemming in Chili: Arica.

Daarover een volgende keer.

 

Hasta Luego,

Ellie en André

 

 

 

 

 

 

16 februari 2004

De laatste Etappe

 

We zijn ondertussen alweer een kleine 15.000 kilometer van San Pedro de Atacama vandaan, die boeiende plaats op het snijpunt van Chili, Peru en Bolivia, waarvandaan jullie ons vorige bericht ontvingen.

 

In San Pedro hebben we de bus gepakt naar Arica, een haven/badplaats in het Noorden van Chili.

Arica is volgens de statistieken de droogste plek op aarde.

Het regent er werkelijk nooit. Maar dankzij vernuftige irrigatiesystemen is er zelfs sprake van landbouw.

In de ochtend vormt zich een nevel boven de oceaan welke door het Adesgebergte wordt tegengehouden.

Maar na verloop van een aantal uren weten de wolken zich over de hoogste toppen te "hijsen", om vervolgens hun lading ten westen van deze enorme keten uit te storten.

Slimmerikken hebben op de woestijnheuvels enorme fijnmazige netten gespannen, waarmee ze de nevel opvangen en kostbare druppels vormen die dagelijkse toevoer voor een toenemend aantal akkers.

 

Arica is verder niet zo'n bijster interessante stad.

Voor de regio heeft het een belangrijke economische functie. 

De Chilenen hebben deze regio tijdens de laatste onderlinge oorlog van Bolivia ingepikt, dat daarmee haar directe toegang tot de kust verloor.

Momenteel worden serieuze onderhandelingen gevoerd om Bolivia het armste land van dit continent) op enigerlei wijze tegemoet te komen , d.m.v. transport en havenconcessies. Hopelijk gaat dat wat opleveren.

 

Wij hebben in Arica voornamelijk genoten van de zon en de activiteiten op en nabij het strand.

Tot in de late uurtjes is het daar een levendige boel.

Wanneer de kinderen slapen is ons een raadsel, want die zien we tot middernacht enthousiast op de populaire trampolines in de weer.

Veel volley- en voetbal op de stranden.

Maar ook groepen jongelui serieus doende met het oefenen van oosterse (schijn-)gevechtsdansen, breakdancing en acrobatiek.

Met de mountainbike hebben we in de nabijgelegen valleien een aantal eeuwenoude geogliefen uit het pré-ina tijdperk bekeken.

Jammer dat de Chilenen dit kostbare erfgoed niet goed beheren: het ligt nauwelijks bereikbaar achter velden met veel afval.

Bij een Chileens/Nieuw-Zeelands stel dat hier een hostal heeft opgezet, vonden we dagelijks veel gezelligheid en hadden boeiende ontmoetingen met trekkers, die meestal de kant op gingen waar wij vandaan kwamen.

 

Vanuit Arica zijn we met een collectivo (een "taxi", of beter gezegd oude bak die niet door de APK zou komen) volgestouwd met 6 volwassen mensen (en de meeste chilenen zijn écht breed) en véél bagage, naar de grens met Peru gereden en vervolgens door naar Tacna.

Daar weer op de bus en door de troosteloze woestijn over de pan-american highway naar Arequipa gereden.

 

Vijf jaar geleden waren we al in Arequipa geweest.

Een stad met een van de mooiste centrale plaza's van Zuid-Amerika.

Prachtige witte arcades en kathedraal omzomen het groene plein, waar elke dag honderden mensen paraderen, zitten, ijsjes eten, schoenen laten poetsen, handelen, enz.

Het hart van de stad. Arequipa telt veel mooie (koloniale) gebouwen, maar daar kwamen we eigenlijk niet meer voor.

 

Vanuit Arequipa hebben we een trekking door de (200 km verder op gelegen) Colca Canyon gemaakt.

Een kloof 2 X maal zo diep als de Grand Canyon in de VS.

Met als gids een jonge Peruviaanse meid, die zelf in deze streek is opgegroeid hebben we 3 geweldige inspannende, maar vooral mooie dagen beleefd.

De trekking ging over eeuwenoude paden die dorpen met elkaar verbinden.

Paden van soms maar 30 cm breed, op de flanken van de kloof, bezaaid met rotsblokken, keien en grint.

Regelmatig doorkruist door stromen en rivieren en op een aantal plaatsen een heuse hangbrug.

Onderweg is het een komen en gaan van boeren(gezinnen) die met hun ezeltjes bepakt en gezakt soms dag én nacht onderweg zijn om hun fruit op de markt in een dorp aan de andere kant van de kloof of berg te ruilen tegen vlees of graan.

De mensen wonen in sobere adobe-huisjes met een golfplaat. 

Met name de oudere - minder mobiele - mensen komen nog nauwelijks van hun erf.  

We sliepen de eerste nacht ook in zo'n sober adobehutje en de nacht er op onder in de kloof in een waar paradijs (oase) in een hut van stro en bamboe.

De nachtelijke regens waren wel verfrissend omdat het dak zo lek was als een gieter.

Maar omdat de wind lekker door het bamboe kon waaien droogden we ook wel weer snel op.

Klimmen en dalen met hoogteverschillen van 1000 - 1500 meter met rugzak viel ons niet mee, maar onbegrijpelijk vinden we het dat mensen met hun vrachtje, kind op de rug en koppige ezels dat dagelijks voor elkaar krijgen.

We hebben dankzij onze geweldige gids niet alleen genoten van dit natuurfenomeen, maar een onvergetelijke impressie van het leven van de mensen in deze canyon gekregen, en.....de condor weer hoog boven ons op de warme luchtstromen zien hangen.

 

In de bus naar en van de canyon vertoefden we tussen hele families, die met schop, riek en zakken onderweg waren naar hun land.

De kleuren en zeker ook de geuren zijn bepaald niet alledaags.

 

Vanuit Arequipa wilden we naar Huaraz in Noord Peru om de Cordillera Blanca te "bedwingen". Maar..... het werd  steeds onrustiger in Peru.

In de media verschenen beichten over vermeende corruptie van Toledo (president) en de zijnen.

Het zou wel eens een smerige intrige van de rechtse kliek kunnen zijn, maar de mensen zijn gewoon al het vertrouwen in de politiek verloren.

In Arequipa waren we getuige van een eerste - nog heel vriendelijke - demonstratie.

Maar er was ook sprake van stakingen , met name in de transportbranche.

Dat zou kunnen betekenen dat wij ergens vast zouden kunnen komen zitten.

Ondertussen bleken ook de weerberichten in Noord-Peru niet erg gunstig. Daar kwam bij dat André af en toe van het "padje" was, omdat hij nog steeds wel eens last keeg van de weken geleden opgelopen evenwichtsproblemen.

Al met al voor ons reden om de cordillera blanca te laten liggen (voor een volgende keer, met beter weer?) en naar Lima te vliegen.

 

Zo gezegd zo gedaan.

In Lima hebben we door het oude centrum gestruind met zijn prachtige plaza, maar ook met veel viezigheid, ongelooflijk veel stinkbussen en -taxies.

We hadden ons genesteld in een gerieflijk hotel in Miraflores waar we een soort bruidssuite hadden (op onze oude dag).

Miraflores is het tegenovergestelde van de oude stad: Moderne gebouwen, dure restaurants, prachtige terrassen aan de kust, mooie woningen, rust, groen en schone straten. 

We liepen er met gemengde gevoelens, want over een paar dagen zouden we weer in Nederland zitten (we hadden ondertussen onze vlucht naar Nederland  10 dagen laten vervroegen).

Aanlokkelijk omdat we dan de tijd hadden van al onze indrukken te bekomen en weer in het ritme te komen.

Maar natuurlijk ook al weer pijn in ons toch wel beetje Latijns-Amerikaans hart, daar aan het strand onder de palmbomen met een zonnetje dat de boel tot 30 graden opwarmt in het Parque Amor.

 

We zitten zoals bij de aanhef gezegd nu weer zo'n 15000 km van San Pedro de Atacama: thuis.

We draaien de hele dag muziek van Mana, een geweldige latino-amrica band uit Mexico die ons precies het goeie gevoel geeft.

Alleen het swingen gaat wat stroever in die kouwe, onwennige, grijze, nattigheid hier.

's-nachts zitten we om half vier met open ogen te nippen aan een amaretto om de slaap en het bioritme weer te vatten en heel voorzichtig hebben we het af en toe weer over het werk.

We zijn blij onze moeders, kinderen, familie en vrienden weer te zien.

Natuurlijk willen we ook heeeeel graaaaag onze collega's weer zien, maar nu nog even niet.

 

We hebben op een goed moment het besluit genomen om terug te gaan.

We hebben een geweldige tijd gehad in een overweldigende natuur, mooie ontmoetingen en met elkaar.

Het was een sabbat die we iedereen zouden willen aanraden!

  

Ellie en André